Faithlife Sermons

Psalm 23

Sermon  •  Submitted
0 ratings
· 5 views
Notes & Transcripts

In Memoriam Iektje Eisses

Vandaag zijn we bij elkaar om afscheid te nemen van Iektje Eisses. Maandag 9 juni overleed ze in de leeftijd van 81 jaar in het Zonnehuis te Zuidhorn.

Iektje Eisses werd geboren in Stitswerd op 16 maart 1927. Haar vader was bakker en haar moeder was boerin. Eerst hadden ze een bakkerij, later een boerderij, daarna een bakkerij annex café in Enumatil en tenslotte de boerderij aan de Bremerweg. Iektje woonde in de periode dat ze naar het basisonderwijs ging in Enumatil. Daar deed ze heel veel contacten op.

Na de Lagere School werkte ze mee op de boerderij thuis. Haar broer Henk werd boer, zij verzorgde de kippen en moeder deed het boenwerk en de kalfjes. Haar vader overleed in 1945 en moeder in 1966.

Ze had een goed leven met haar broer Henk en haar moeder. Ze leefde in een veilige omgeving en kreeg van haar broer en moeder wat zij nodig had.

Ze deed mee aan het leven en was bijvoorbeeld een trouw lid van de kerk en de plattelandsvrouwen. Ze hield van het geestelijk lied. Ook was ze kunstzinnig en maakte bijvoorbeeld een prachtig aquarel.

Na het overlijden van haar broer Henk ging zij toen ze 71 jaar was op de Dr. G. de Vrieshof wonen. Ze richtte haar huisje in zoals zij dat graag wilde en creëerde haar eigen wereldje. Ze genoot ervan dat zij zelf kon bepalen wat zij wel en niet deed. Zo leefde ze daar 10 jaar zelfstandig met hulp.

Ze was een mens met een warm hart. Zag ze beelden van een ramp of van arme kindertjes dan was ze bereid om daar gul voor te geven. Toen ze – na het overlijden van Henk – de boerderij verkocht zorgde ze er ook voor dat hun hond daar kon blijven.

Ze had oog voor de natuur. Ze kende heel veel bloemen bij hun volksnaam. Ze had ook veel met het water. Ze reisde graag. Met Bartje Louters ging ze o.a. naar Engeland.  In Londen gingen ze o.a. bij Buckingham Palace kijken, of zoals zij het uitsprak: Beukema Palace. Ze droomde van andere grote reizen zoals naar de Verenigde Staten en Israël. Zover kwam het echter nooit. Wanneer iemand haar had aangeboden om samen daar naar toe te gaan zou ze dat zeker gedaan hebben.

Ze kon genieten van het leven. Ze genoot niet alleen van de natuur, maar ook van cultuur. Martje Ploeg schreef me later na ons gesprek nog over de opvoering van het toneelstuk Hasse Simonsdochter naar het gelijknamige boek van Thea Beckman. Ingepakt in een plaid omdat de avonden kil waren, zat Iektje Eisses te genieten van dit spektakel. Ondanks de kriebelende strootjes had ze dit niet graag willen missen.

Met haar 80e verjaardag gaf ze een groot feest. Ze genoot ervan om in het middelpunt te staan en vele bekenden om haar heen te hebben. Hoewel ze in eerste instantie tegen heel veel dingen opzag kon ze er later toch van genieten, zoals bijv. de dagopvang. Met de ‘waaroms’  van het leven kon ze worstelen en kwam er zoals zo velen van ons niet uit.

Psalm 23

Wanneer we samen geluisterd hebben naar de levensloop van Iektje Eisses, dan hoop ik dat we beseffen dat zij een bijzonder mens was. Zij was zich bewust van Gods liefde voor haar en geloofde in de vrede van God. Dat las zij ook op de begrafenis van haar broer Henk voor uit Filippenzen 4:7: En de vrede Gods, die alle verstand te boven gaat, zal uw harten en uw gedachten behoeden in Christus Jezus.  

Hoe kwam zij aan die vrede die in haar woonde? Er is een ander beeld in de Bijbel dat ons mogelijk op een spoor zet. Dat is het beeld van de Goede Herder. Misschien kent u die oude zondagschoolplaat wel met de Goede Herder en het lam. Zij geloofde in de Here Jezus Christus als de Goede Herder. Zij geloofde dat de Goede Herder voor haar zorgde.

Dat brengt ons bij het eerste gedeelte van de Psalm die wij lazen: De Here is mijn herder, mij ontbreekt niets. Dat is een geloofsuitspraak van David, die deze parel onder de psalmen schreef. David, de herder die in God zijn herder ziet en tegelijk als zijn gastheer.

De Here God wordt vaak in de Bijbel gepresenteerd als de herder van Israël. De Here Jezus verwijst naar deze gedachte wanneer hij zegt: ik ben de goede herder. Het opvallende is echter dat dezelfde Jezus in het boek Openbaringen ons getekend wordt als het Lam als geslacht. Dit Lam schrijft de apostel in Openbaringen zal ons naar de bron des levens brengen. De Goede Herder brengt ons daar waar het ons aan niets ontbreekt. Deze geloofsuitspraak is niet alleen geldig voor het verleden en het heden maar geldt ook voor de toekomst. Het is een uitspraak waarin het vertrouwen tot uitdrukking komt in al het goede wat God ons wil schenken: eeuwig leven.

De dichter gebruikt voor zijn gedicht zijn ervaring als herder. De Goede Herder brengt ons in grazig weiden. Hij zoekt voor ons het beste van het beste. Hij zorgt dat we rustig kunnen liggen in een omgeving waar we goed verzorgd zijn en waar het ons aan niets ontbreekt. Hij zorgt niet alleen voor goed gras maar ook voor water om te drinken. Een herder in het oosten leidt zijn kudde rustig en met zorg. Hij drijft ze niet op. In tegendeel. De herder zorgt dat zijn kudde geen dorst en honger leidt. Hij zorgt voor schaduw opdat de hitte hen niet zal kwellen en zij niet te lijden hebben van de zon. Hij ontfermt zich over hen en zal hen naar waterbronnen leiden.

Wat is dat in onze tijd anders. Veel mensen worden voortgejaagd. Ze moeten dit en ze moeten zo. Iektje Eisses had dan wel haar eisen maar ging zo haar eigen gangetje. Ze had zo haar eigen aardigheden en trok zich ook niet zoveel aan van de tijd waarin wij leefden. Zij leefde haar leven in vertrouwen op de Goede Herder en leefde uit het geloof dat Hij  ‘het brood des levens was’ en de bron van ‘levend water’. Ondanks al haar vragen en waaroms was zij tevreden.

Haar geloof gaf haar rust. Graag had ze teruggewild naar Dr. De Vrieshof. Daar deed ze ook haar best voor. Tegelijk gaf ze zich over aan de Goede Herder. Het geloof verkwikte haar. Het gaf haar de rust die zij nodig had. Hoewel zij het leven aan deze zijde nog niet ‘zat’ was, durfde zij het ook aan om haar leven in Zijn te leggen.

Haar verblijf in het Ziekenhuis en in het Verpleeghuis heeft ze aanvaard, al was het een weg die ze wel moeilijk vond. Zo kon ze ook intens meeleven met mensen die haar na aan het hart lagen. Toch was ze ook in het Ziekenhuis en het Verpleeghuis niet bang. Ze vond het echter niet fijn, omdat het haar levensritme verstoorde. Ze bleef geloven in dat Lam dat haar Goede Herder was en haar ook door de dieptepunten van haar leven leidde. Zoals een herder zijn kudde weidt en zijn lammeren bijeenbrengt zo koestert God zijn kinderen en zorgt hij voor hen. Ook voor de kleinen en de geringen onder ons.

De Psalmist schakelt dan van de metafoor van de herder over naar het beeld van de gastheer. Ik moest denken aan het verhaal waarin de Here Jezus als gast is uitgenodigd. De gastheer gaf hem geen water om zijn voeten te verzorgen. Jezus werd niet welkom geheten met een kus, nog zijn hoofd laten inwrijven met olie.

Het beeld dat hij van God als gastheer schetst is een heel ander beeld. Het is het beeld van een gastheer bij wie je welkom bent.

Tegelijk dragen de woorden ook iets uit van het Heilig Avondmaal. De maaltijd van de Heer. In die maaltijd zit ook het karakter dat we mogen komen zoals we zijn. Met ons verleden, ons heden en de toekomst. Ik weet wel dat we daar uiterlijk slechts een stukje brood en een slokje wijn krijgen. Echter de barmhartigheid, de genade en de liefde die daaruit spreken zijn overweldigend. Het zijn immers de tekenen van het heil dat we in Christus Jezus ontvangen. Het is de verzoening in het Lam van God dat God ons schenkt. Het is het beeld van de Goede Herder die zorgt dat de zijnen niet tekort komen.

God richt voor ons een gastmaal aan. Ik moest hierbij ook denken aan ‘de bruiloft van het Lam’. Een bruiloft die ongekend zal zijn. Wanneer we alle beelden die over deze bruiloft gaan onder elkaar zouden zetten dan krijgen we een beeld dat zo rijk is dat we het niet voor mogelijk houden.

Een ander beeld dat ons kan helpen om iets van Gods liefde te begrijpen en wat de psalmist beschrijft is: het beeld van een moeder die thuis op haar kinderen wacht met een pot thee op tafel. Als de kinderen uit school komen vraagt ze hen: wat heb je vandaag gedaan, ging het goed? Ze is blij als haar kinderen weer thuis zijn en belangstellend naar wat ze gedaan hebben.

Zo is God belangstellend naar wat wij doen. Hij wacht ons aan gene zijde op en vraagt ons: wat heb je met je leven gedaan? Misschien komt de grote AANKLAGER wel bij God en zegt hij tegen God: maar die heeft er weinig van gemaakt. Hij of zij heeft een puinhoop van het leven gemaakt. Of kijk eens naar de vreselijke karaktertrekken van hem of haar. Dan zegt God tegen de aanklager: kijk dat is allemaal bedekt met het verzoenend bloed van het Lam als geslacht. Hij of zij is welkom aan mijn tafel. Kijk Ik zalf zijn of haar hoofd met olie. Kijk de beker zal niet leeg zijn. Overvloed zal er op zijn of haar bord zijn.

Bedenk dat God zoveel van u en van mij houdt dat we welkom zijn in zijn huis. Dat Hij zijn tafel voor u en voor mij, op dit moment belangrijker nog voor Iektje Eisses aanricht. Zij mag een welkome gast in het huis van de Heer zijn. Daar zullen Gods heil en goedertierenheid haar nooit meer verlaten! Daar zal geen ziekte meer zijn, geen pijn, geen rouw. Daar mag ze verblijven tot in lengte van dagen, of zoals in één van de engelse vertalingen staat: for ever.

Amen

Related Media
Related Sermons