Faithlife Sermons

Pinksteren 2008

Sermon  •  Submitted
0 ratings
· 4 views
Notes & Transcripts

PINKSTEREN 2008

Numeri 11: 24-30

Handelingen 2: 1-21

DE GEEST KWAM OP HEN

Gemeente van Jezus Christus. In deze kerkdienst vieren we opnieuw een bijzonder moment. God stort zijn Geest uit. Een moment dat ons in Handelingen 2 beschreven wordt als een moment met bijzondere tekenen. De tekenen zijn het geluid van een hevige windvlaag, vlammen die zich als vuurtongen op de discipelen neerzetten en het spreken in vreemde talen zoals de Geest het hen gaf.

Een gebeurtenis die om veel aandacht vroeg. De vele vrome Joden die in Jeruzalem waren dromden samen en ze raakten in verwarring. Deze verwarring ontstond omdat ze ieder in hun eigen taal hoorden spreken. De verwarring en verbazing ontstonden omdat ze ongeschoolde Gallileeërs, cultuur barbaren, in hun eigen taal hoorden spreken over de grote daden van God. Ze waren verbijsterd, ondersteboven en vroegen zich af: wat heeft dit te betekenen. Er waren echter ook mensen die er de spot mee dreven en zeiden: ze zijn dronken.

De mensen die zeiden “zij zijn dronken” keken ondanks hun vroomheid vanuit een ongeestelijke visie naar wat er met de apostelen en de anderen gebeurde. De Heilige Geest is een kracht die van God uitgaat. De werking van de Heilige Geest kan ik niet forceren nog manipuleren. Dat de Heilige Geest niet te forceren nog te manipuleren valt lezen we in het gedeelte uit Numeri.

Met Pinksteren zien we een verschil tussen de Heilige Geest in het OT en in het NT en daarna. Sinds Pinksteren wil de Heilige Geest voortduren met elke gelovige zijn, terwijl daarvoor de Heilige Geest met een geselecteerde groep mensen was.

In Numeri de 70 geselecteerde gelovigen ontvingen de Heilige Geest en profeteerden. Daarna stopten ze met profeteren. Zij ontvingen de Heilige Geest dan ook niet om te profeteren maar om leiding te geven.

Op die eerste Pinksterdag ontvingen de apostelen en discipelen de Heilige Geest om in alle talen de grote daden van God te verkondigen. Dat gebeurde doordat de Heilige Geest de barrière van Babel, de spraakverwarring van Babel voor even ophief. Is dit hetzelfde als het spreken in tongen waar in onze tijd zoveel over te doen is?

Is daarmee alles over het spreken in tongen gezegd? In de geschiedenis van het christendom is het spreken in tongen altijd een punt van onenigheid en geschil geweest. Toen ik het spreken in tongen voor het eerst in een dienst hoorde vroeg ik mij ook af of die persoon dronken was. Er zijn ook christenen die het spreken in tongen afwijzen en stellen dat wat er met Pinksteren gebeurde eenmalig was. Met Pinksteren spraken de discipelen niet tot degenen die waren gekomen. Ze spraken tot God! Ze prezen God. Ze dankten Hem in voor hen onbekende talen. Het publiek kon hen echter verstaan! Gebeurde het dan in het openbaar? Vermoedelijk moeten we denken aan een ruimte in de tempel in plaats van een gewoon huis. Waar konden anders 120 mensen bij elkaar komen? Bovendien hoe kon men op een gehoor rekenen van meer dan 3000 mensen?

Toen Petrus begon te preken deed hij dat niet in tongen maar deed hij dat in het Grieks, de taal die de mensen in die tijd gemeenschappelijk had.

Ik maak even een uitstapje naar de discussie over ‘spreken in tongen’. In 1 Korinthe 14 is er sprake van ‘spreken in tongen’. Gaat het in Handelingen 2 en 1 Korinthe 14  om twee verschillende gaven. Ik denk het niet. In Handelingen 2 was het niet het doel dat de mensen het zouden verstaan. Het doel was het prijzen van God.

Wat is ‘spreken in tongen’ eigenlijk? Sommige geloven ontvangen van Gods Geest een bijzondere manier om te bidden. Een manier die boven onze kennis en verstaan uitstijgt. Spreken in tongen is volgens Paulus, bedoeld voor het persoonlijke geloofsleven (1 Cor. 14). Iemand mocht vlg hem alleen in een eredienst in tongen spreken wanneer een ander in staat was om het te verstaan en te vertalen. Moeten alle gelovigen deze taal dan kunnen spreken en verstaan? Nee! Deze geestelijke gave is niet aan elke gelovige gegeven. Het is ook niet het teken of iemand wel of niet vervuld is met de Heilige Geest. Het teken of iemand wel of niet vervuld is met de Heilige Geest is volgens Paulus de belijdenis “Jezus Christus is HEER”. Het bewijs dat iemand niet vervuld is met de Heilige Geest stelt Paulus is de uitspraak “vervloekt zij Jezus Christus”.

Terug naar onze tekst. Na de uitspraak “ze zijn dronken” volgt de prediking van Petrus. Hij doet dat als een heraut. Wat in de Nieuwe Bijbel Vertaling wegvalt is dat hij zijn stem verheft. Hij stelt tegenover de spotters “deze zijn niet dronken”. Het was vooral onder gelovige joden de gewoonte om niet voor 9 uur ’s morgens te eten en te drinken. Eerst moesten de zaken met de Eeuwige geregeld zijn.

De vrome Joden hadden geen reden om te spotten. De Heilige Geest leidt juist tot controle van ons leven en niet het verlies aan zelf-controle. Petrus maakt dan in zijn verkondiging gebruik van de kennis van de vrome Joden door hen te wijzen op de woorden van de profeet Joel. In essentie zegt hij: laten we samen bijbelstudie doen. In zijn bijbelstudie laat hij zien dat God in de uitstorting van de Heilige Geest zijn belofte vervult. Een belofte die Petrus verbindt met het aanroepen van de NAAM van de HEER. Wie de naam van de HEER aanroept zal behouden worden!

De focus van Petrus preek is: de opgestane Messias Jezus van Nazareth. Daar ligt voor Petrus de essentie. Niet in uitingen van de Geest maar in de verkondiging van de boodschap van het verlossende werk van Christus. Petrus windt er ook geen doekjes om: jullie hebben de man die door God gezonden is gekruisigd. Hij staat daar niet om zijn hoorders een plezier te doen maar confronteert hen met de waarheid. Naast de verkondiging van het verlossende werk van Christus, de vernedering, laat hij hen zien dat Christus is opgestaan en verheerlijkt. Petrus verkondigt hen dat zij allemaal fout zaten wat betreft Christus. God heeft in de opstanding laten zien dat Hij JEZUS HEER en MESSIAS is. Wie een beroep op die NAAM doet zal verlost worden!

Weet u hoe die preek eindigt? Met de vraag van de omstanders: wat moeten wij doen? Petrus spiegelt hen de waarheid voor en zij vragen ‘wat moeten we doen’. Leidde het spreken in tongen tot verbazing en spotterij. De prediking van het evangelie daar en tegen leidde tot de vraag ‘wat moeten wij doen’. Petrus vertelt hen dat zij zich moeten bekeren. Bekering is het woord waar alles mee begint. Johannes de Doper gebruikt het: bekeer u want het koninkrijk van de hemel is nabij gekomen. Bekering betekent dat we ons tot God keren. Daarna volgde de doop, vervolgens de belofte dat hun kinderen en allen die nu nog ver waren ook de HG zouden ontvangen. In die belofte is het Nieuwe Verbond samengevat.

De reactie op Petrus preek: er kwamen 3000 mensen tot geloof en die lieten zich dopen.

Ik geloof wanneer wij ons door de Heilige Geest laten begeesteren en leiden dat ook in Zevenhuizen de kerk zal groeien.

Amen

Related Media
Related Sermons