Faithlife Sermons

Openbaring 1:1-3

Sermon  •  Submitted
0 ratings
· 3 views
Notes
Transcript

Inleiding

Jongens en meisjes, ik begin met jullie. Fijn dat je er ook vanavond bent. Ik denk dat jullie allemaal wel eens een geheimpje gehoord hebben. Misschien dat je vader en moeder een baby kregen en dat ze het op een gegeven moment tegen jou vertelden. Maar ze zeiden erbij: denk erom dat je het niet verder vertelt hoor! Nu hoeft nog niet iedereen het te weten. Dat kan later wel.
Best spannend hè, zo’n geheimpje. Jij weet het, maar een ander niet. Dat is best iets bijzonders. En telkens ligt het voor op je tong om het geheim aan anderen te vertellen, bijvoorbeeld aan je vriendjes of vriendinnetjes. Maar je doet het niet. Want je hebt het beloofd. En beloofd is beloofd!
Geheimpjes, ze zijn er op allerlei manieren en ze betreffen allerlei onderwerpen. Ze hebben één ding gemeenschappelijk: jij weet iets heel speciaals. Je moet het nog even voor je houden. Pas later mag je het vertellen.
Aan dat voorbeeld moest ik denken toen ik bestudeerde. In gaat het ook over een geheim. Tenminste iets dat verborgen was. Maar God maakt het bekend. God openbaart het geheim. God vertelt de verborgenheid. Daarom heet het boek Openbaring. Openbaring betekent: bekend maken. Zorgen dat anderen er ook van weten! Apocalyps heet dat boek in het Grieks. Dat betekent: God legt wat verborgen is helemaal open. Net als een cadeau waar het papier nog om zit. Je weet dan nog niet wat erin zit; je kan het hoogstens vermoeden. Maar als het papier eraf gaat, weet je het wel.
Het geheim wordt doorgegeven! Je krijgt iets bijzonders te horen. Maar anders dan bij een geheim waar je over moet zwijgen, is het geheim dat God vertelt voor iedereen bestemd en mag iedereen het horen! Het is een geheim bestemd voor de hele wereld. Over dat geheim hoef je niet te zwijgen. Daar mag je gewoon over praten!
Het geheim wordt doorgegeven! Je krijgt iets bijzonders te horen. Maar anders dan bij een geheim waar je over moet zwijgen, is het geheim dat God vertelt voor iedereen bestemd en mag iedereen het horen! Het is een geheim bestemd voor de hele wereld. Over dat geheim hoef je niet te zwijgen. Daar mag je gewoon over praten!
Maar anders dan bij een geheim waar je over moet zwijgen, is het geheim dat God vertelt voor iedereen bestemd en mag iedereen het horen! Het is een geheim bestemd voor de hele wereld. Over dat geheim hoef je niet te zwijgen. Daar mag je gewoon over praten!
Openbaring - dat is Gods geheim dat Hij aan ons bekend maakt. En net als bij elk geheim is het iets wat wij te horen krijgen. Het is iets dat ons verteld wordt en niet iets dat we zelf bedacht of verzonnen hebben. We hebben het vernomen. God heeft het ons verteld.
In heel diepe zin is eigenlijk alles wat we van God weten openbaring. God heeft ons in de Bijbel vertelt wie Hij is. Hij openbaart Zich daarin aan ons. Hij vertelt ook wie wij zijn: zondige en opstandige mensen, die naar Hem moeten terugkeren en vergeten moeten ontvangen. Deze vergeving wil Hij om Jezus’ wil ook geven. God vertelt dat mooie geheim aan ons in de Bijbel.
Maar in het boek Openbaring vertelt Hij ons nog iets. Hij vertelt hoe het afloopt met deze wereld. Hoe uiteindelijk de Heere Jezus Zijn werk afmaakt en Zijn koninkrijk doet komen, dwars door alle verschrikkelijke dingen die er gebeuren heen. Dat is Gods geheim
Het boek Openbaring - over dat boek wil ik in de avonddiensten met u over nadenken. De Nederlandse Geloofsbelijdenis is af. We hebben ook de catechismus behandeld en de zaligsprekingen, en nu is het goed om een nieuwtestamentisch boek aan de orde te stellen en ik heb gekozen voor het Openbaring.
Openbaring - over dat boek wil ik in de avonddiensten met u over nadenken. De Nederlandse Geloofsbelijdenis is af. We hebben ook de catechismus behandeld en de zaligsprekingen, en nu is het goed om een nieuwtestamentisch boek aan de orde te stellen en ik heb gekozen voor het Openbaring.
Openbaring - over dat boek wil ik in de avonddiensten met u over nadenken. De Nederlandse Geloofsbelijdenis is af. We hebben ook de catechismus behandeld en de zaligsprekingen, en nu is het goed om een nieuwtestamentisch boek aan de orde te stellen en ik heb gekozen voor het Openbaring.
Eigenlijk zie ik er best tegenop, want Openbaring is geen makkelijk boek. Maar diverse mensen met wie ik erover sprak - ook jongeren! - regeerden eigenlijk best enthousiast. Het boek Openbaring, daar gaat het niet zo vaak over in de kerk en het is wel heel belangrijk! Vandaar dat we vanavond met dit boek aan de slag gaan. Ik heb daarom het eerste hoofdstuk gelezen.
Vanavond sta ik bij de opening van het boek Openbaring stil. Vooral omdat daar heel belangrijke dingen over het boek zelf in staan.

Openbaring van de Vader en de Zoon

De eerste verzen van Openbaring vormen een prachtige inleiding op het boek.
Openbaring 1:1–3 HSV
Openbaring van Jezus Christus, die God Hem gegeven heeft om Zijn dienstknechten te laten zien wat spoedig moet geschieden, en die Hij door Zijn engel gezonden en aan Zijn dienstknecht Johannes te kennen heeft gegeven. Deze heeft van het Woord van God getuigd en van het getuigenis van Jezus Christus, alles wat hij gezien heeft. Zalig is hij die leest en zijn zij die horen de woorden van de profetie, en die in acht nemen wat daarin geschreven staat, want de tijd is nabij.
In deze verzen valt direct het woord openbaring. God maakt Zijn geheim bekend. Hij openbaart wat verborgen is.
Maar eigenlijk staat het er helemaal niet zo gemakkelijk. Laten we die woorden eens even onder de loep nemen.
‘Openbaring van Jezus Christus, die God Hem gegeven heeft...’ Wat betekenen deze woorden eigenlijk: openbaring van Jezus Christus. Formeel kunnen ze twee dingen betekenen. Openbaring over Jezus Christus en Openbaring die gegeven wordt door Jezus Christus. En om eerlijk te zijn is het allebei waar. Het is de openbaring waarin Jezus centraal staat, maar het ook de Openbaring die door Jezus aan ons gegeven wordt. Dat laatste is het meest aannemelijk in dit verband. Leest u, lezen jullie even met mij mee?
Wat betekenen deze woorden eigenlijk: openbaring van Jezus Christus.
Formeel kunnen ze twee dingen betekenen. Openbaring over Jezus Christus en Openbaring die gegeven wordt door Jezus Christus.
En om eerlijk te zijn is het allebei waar. Maar het laatste is het meest aannemelijk. Leest u, lezen jullie even met mij mee.
‘Openbaring van Jezus Christus die God Hem gegeven heeft.’ Ik moet u bekennen, dat toen ik met deze tekst bezig was, ik eigenlijk een beetje in de war raakt. Klopt het eigenlijk wel wat hier staat? Is het niet verkeerd vertaald. Nee, dat is het niet.
Waarom is het dan bijzonder? Nou lees eens mee: het is de openbaring die Jezus Christus ons doorgeeft (‘van Jezus Christus’) en die openbaring heeft de Heere Jezus van God ontvangen. ‘God heeft Hem die gegeven’.
Jezus geeft ons een openbaring door die Hij van God ontvangen heeft! God geeft Jezus de openbaring en de Heere Jezus geeft Hem weer aan ons. Wij ontvangen het boek openbaring uit de hand van de Vader en de Zoon. De Vader geeft het aan de Zoon en de Zoon geeft het aan ons.
Wat is daar nu zo bijzonder aan? Nou dit: Jezus spreekt hier niet alleen Zijn eigen Woord, maar Hij spreekt ook het Woord van de Vader.
Je zou je af kunnen vragen of Jezus dan een beetje toch een beetje minder is dan de Vader. Want de Vader is de bron van de openbaring; het word aan Jezus doorgegeven. Dat laatste is echter niet het geval. Jezus is gelijk aan de Vader, naar Zijn Godheid. Maar als Middelaar staat Hij tussen God en mensen in.
Maar Jezus spreekt hier als Middelaar.
Dat is misschien een beetje lastig, maar wat niet lastig is, is dit: als we het boek Openbaring in handen hebben, dan is dat een geschenk van de Vader én van de Zoon (en we mogen er ook nog aan toevoegen: van de Heilige Geest). Het is niet zomaar een boek dat we ter hand nemen. Het is van de hand van de Vader in de hand van de Zoon gegaan. Het is geen verzinsel dat we in dit boek lezen. Het is niet zomaar een spannend verhaal. Het is Gods eigen woord. In dubbele zin nog wel: het Woord van de Vader en de Zoon. De Vader geeft het aan de Zoon, de Zoon geeft het weer verder.
En van daaruit gaat het weer verder.
En van daaruit gaat het weer verder.
Openbaring is het boek hoe God door J.

Gegeven aan de Johannes

Openbaring 1:1 HSV
Openbaring van Jezus Christus, die God Hem gegeven heeft om Zijn dienstknechten te laten zien wat spoedig moet geschieden, en die Hij door Zijn engel gezonden en aan Zijn dienstknecht Johannes te kennen heeft gegeven.
Hoe komt het boek Openbaring tot ons. God vertelt het geheim aan Zijn Zoon (Als middelaar betrekt Hij Hem er helemaal bij). En als de Zoon het geheim ontvangen heeft, geeft Hij het weer door aan een ander, namelijk: Johannes.
Johannes — dat is onder geleerden een redelijke overeenstemming over — is de apostel Johannes, die we ook kennen uit het Nieuwe Testament. Hij is de geliefde discipel van de Heere Jezus. Vroeger was hij met zijn broer Jakobus visser in het bedrijf van zijn vader Zebedeüs. Totdat Jezus kwam en hen wegriep: Ik zal jullie tot vissers van mensen maken. Hij was fulltime discipel van de Heere Jezus geworden. Hij was de discipel die Jezus liefhad. In het begin van Handelingen lees je nog wel over hem - met Petrus geneest hij in Gods naam de zieke bij de tempel — maar verder hoor je eigenlijk niet over hem.
Hij heeft waarschijnlijk op hoge leeftijd in Efeze gewerkt, tot dat Hij verbannen werd naar het eiland Patmos. Waarschijnlijk door keizer Domitianus, die het de christenen heel moeilijk maakte en vervolgingen tegen hen begon. Daar op Patmos krijgt hij het visioen dat hij in dit hoofdstuk opschrijft.
Openbaring 1:9–10 HSV
Ik, Johannes, die ook uw broeder ben en deelgenoot in de verdrukking en in het Koninkrijk en in de volharding van Jezus Christus, was op het eiland genaamd Patmos, omwille van het Woord van God en het getuigenis van Jezus Christus. Ik was in de geest op de dag des Heeren en ik hoorde achter mij een luide stem, als van een bazuin,
Ik Johannes, jullie broeder en medegenoot in de verdrukking… Johannes voelt de gemeente goed aan. Hij weet wat ze meemaken. Hij kent de verdrukking en het lijden om Christus’ wil van heel dichtbij. Daarom is het zo mooi dat Hij de boodschap van Gods overwinning krijgt en die ook mag doorgeven.
Want dat is het werk van Johannes. Hij ontvangt de openbaring uit Christus handen. Eigenlijk zegt ik het verkeerd. Christus geeft de openbaring aan een engel en die geeft het weer aan Johannes. God geeft het aan Christus, Christus geeft het aan de engel en de engel geeft het aan Johannes… En dat gebeurt doordat de engel erbij is als Johannes in dit boek diverse dingen hoort en ziet.
God zorgt ervoor dat Zijn geheim in goede handen terecht komt. Christus heeft Zijn boodschap bekend gemaakt door een engel te zenden.
En dat Johannes een goed adres was om Gods geheim (de openbaring van dat geheim) te ontvangen, blijkt wel uit de laatste woorden van vers 2
Openbaring 1:2 HSV
Deze heeft van het Woord van God getuigd en van het getuigenis van Jezus Christus, alles wat hij gezien heeft.
Johannes was een goede getuige! Hij heeft - nadat hij het gehoord had - van het Woord van God getuigd. Hij heeft een rijk getuigenis van de Heere Jezus afgelegd. Hij heeft precies verteld wat Hij gezien heeft en gehoord heeft. Daar zijn anderen getuigen van.
Dat Johannes als wat Hij hoorde, moest opschrijven, horen we tot twee keer toe in dit hoofdstuk. Namelijk in vers 11
Openbaring 1:11 HSV
die zei: Ik ben de Alfa en de Omega, de Eerste en de Laatste, en: Wat u ziet, schrijf dat op een boekrol en stuur het aan de zeven gemeenten die in Asia zijn: naar Efeze, naar Smyrna, naar Pergamus, naar Thyatira, naar Sardis, naar Filadelfia en naar Laodicea.
En in vers 19.
Openbaring 1:19 HSV
Schrijf nu op wat u hebt gezien, en wat is, en wat hierna zal geschieden.

Gods zorg

Voor dat we nu verder gaat, staan we hier even bij stil. Ziet u hoeveel aandacht gegeven wordt aan de manier waarop de boodschap van Openbaring tot ons komt. Het komt van God, via Christus, door een engel tot Johannes, die het op zijn beurt allemaal moet aanhoren en aanzien en vervolgens opschrijven. Dan is er nog een stap. Namelijk het boek dat Johannes schrijft moet worden voorgelezen worden in de zeven gemeenten (en daarbuiten) en de mensen moeten et horen en geloven.
Het komt van God, via Christus, door een engel tot Johannes, die het op zijn beurt allemaal moet aanhoren en aanzien en vervolgens opschrijven. Dan is er nog een stap. Namelijk het boek dat Johannes schrijft moet worden voorgelezen worden in de zeven gemeenten (en daarbuiten) en de mensen moeten et horen en geloven.
Dan is er nog een stap. Namelijk het boek dat Johannes schrijft moet worden voorgelezen worden in de zeven gemeenten (en daarbuiten) en de mensen moeten et horen en geloven.
Openbaring 1:3 HSV
Zalig is hij die leest en zijn zij die horen de woorden van de profetie, en die in acht nemen wat daarin geschreven staat, want de tijd is nabij.
Het is God er alles aan gelegen dat de boodschap goed overgebracht wordt en uiteindelijk ook geloofd wordt en gedaan!
Dat is niet alleen bij het boek Openbaring zo. Aan alle boeken in de Bijbel heeft God een heel bijzondere zorg besteed. Ze zijn niet zomaar bij ons gekomen. Ze zijn ons door God gegeven. Daar heeft Hij mensen voor ingeschakeld — het is gehoord en opgeschreven — maar het is uiteindelijk Zijn Woord dat we horen.
Het boekje dat we bij ons hebben — de Bijbel — is het Woord van God! Ons door God gegeven. En het vraagt om geloof en gehoorzaamheid!

Gods eigen boodschap

Dat de boodschap Gods boodschap is, wordt ook nog op andere manieren onderstreept.
Dat de boodschap Gods boodschap is, wordt ook nog op andere manieren onderstreept.
Het boek Openbaring begint na de introductie in vers 1-3 met een prachtige aanhef. Het is een brief van God aan de gemeente. Opgeschreven door Johannes maar ten diepste bedacht door God zelf.
Openbaring 1:4–6 HSV
Johannes aan de zeven gemeenten die in Asia zijn: genade zij u en vrede, van Hem Die is en Die was en Die komt, en van de zeven Geesten, Die voor Zijn troon zijn, en van Jezus Christus, Die de getrouwe Getuige is, de Eerstgeborene uit de doden en de Vorst van de koningen der aarde. Hem Die ons heeft liefgehad en ons van onze zonden gewassen heeft in Zijn bloed, en Die ons gemaakt heeft tot koningen en priesters voor God en Zijn Vader, Hem zij de heerlijkheid en de kracht in alle eeuwigheid. Amen.
Openbaring 1:4–5 HSV
Johannes aan de zeven gemeenten die in Asia zijn: genade zij u en vrede, van Hem Die is en Die was en Die komt, en van de zeven Geesten, Die voor Zijn troon zijn, en van Jezus Christus, Die de getrouwe Getuige is, de Eerstgeborene uit de doden en de Vorst van de koningen der aarde. Hem Die ons heeft liefgehad en ons van onze zonden gewassen heeft in Zijn bloed,
Het zijn de woorden die we elke zondag horen als groet — tenminste ik gebruik ze altijd zo.
Genade zijn u en vrede.
God komt tot ons met zijn gaven: genade en vrede. Genade (gunst, vergeving) en vrede (echte, innerlijke, duurzame vrede). En die genade komt van God (die is, was en komt). De van de Heilige Geest (hier is sprake van de zeven geesten - daarmee duidend op de volheid van de Heilige Geest). En van de Heere Jezus, de eerstgeborene uit de doden en de Vorst van de koningen der aarde.
En dan volgt nog een lofprijzing van de Heere Jezus. Hij had lief en waste met Zijn bloed.
Hij had lief en waste met Zijn bloed.
De drie-enige God zelf staat achter wat er gezegd wordt. God komt met Zijn Woord naar ons toe. God staat er achter
God staat er achter
God zelf zegt in vers 8
Openbaring 1:8 HSV
Ik ben de Alfa en de Omega, het Begin en het Einde, zegt de Heere, Die is en Die was en Die komt, de Almachtige.
Nog een keer samenvattend: wat hebben we nu gezien. We hebben gehoord hoe God Zijn brief bij ons aflevert; De boodschap van God, aan Jezus gegeven, door de engel bezorg bij Johannes, zodat deze hem zou sturen naar de gemeente en daar gelezen zou worden en geloofd en gedaan!
Nog een keer samenvattend: wat hebben we nu gezien. We hebben gehoord hoe God Zijn brief bij ons aflevert; De boodschap van God, aan Jezus gegeven, door de engel bezorg bij Johannes, zodat deze hem zou sturen naar de gemeente en daar gelezen zou worden en geloofd en gedaan!
En het is een boodschap in de vorm van een brief. Gods brief aan mensen, waarbij Hij hen genade en vrede toewenst, die gegeven worden door de Vader, de Zoon en de Heilige Geest. De volheid van heil komt hierin tot ons.
God staat er zelf achter. Het is Zijn boodschap van heil! Hij spreekt Zelf tot ons.
Nog een keer: dit gebeurt niet alleen in Openbaring, maar heel de Bijbel is eigenlijk zo. God stuurt ons een brief. Hij laat die thuisbezorgen.Daarin staat heil en vrede van de drie enige God. Hij beoogt ons heil.
Nog een keer: dit gebeurt niet alleen in Openbaring, maar heel de Bijbel is eigenlijk zo. God stuurt ons een brief. Hij laat die thuisbezorgen.Daarin staat heil en vrede van de drie enige God. Hij beoogt ons heil.
Elke keer dat we de Bijbel openen horen we dat. God heeft ons behoud op het oog!

De inhoud

Maar nu hebben we nog een heel belangrijk ding niet gezegd. Want de kern van de preek vinden we in vers 1-3. Nog één ding is niet genoeg aan de orde geweest: wat is nu de inhoud van de Openbaring. Het is een boodschap van God, waarin vrede en troost doorklinkt en waar God achter staat. Maar waar gaat het nu over?
We lezen dat in vers 1
Openbaring 1:1 HSV
Openbaring van Jezus Christus, die God Hem gegeven heeft om Zijn dienstknechten te laten zien wat spoedig moet geschieden, en die Hij door Zijn engel gezonden en aan Zijn dienstknecht Johannes te kennen heeft gegeven.
God heeft Zijn engelen gezonden om te laten zien: wat spoedig geschieden moet.
God werkt op het einde aan. God werkt aan op de voltooiing van Zijn werk. Het boek Openbaring is het boek van de voltooiing van Gods Rijk.
God werkt in deze geschiedenis ergens naar toe: naar een nieuwe hemel en een nieuwe aarde. Er zit een doel en eind aan de geschiedenis.
De wereld blijft niet altijd duren. De aarde zal een keer vergaan. Deze wereld is voorlopig. Dit leven is het enige niet, en zelfs niet het belangrijkste. Openbaring vertelt ons dat we op reis zijn. Naar de rechterstoel van God, waar wij geoordeeld zullen worden. En er komt een nieuwe hemel en een nieuwe aarde.
Openbaring is het boek van de verdrukte kerk. Johannes zelf is op Patmos vanwege de tirannie van keizer Domitianus. Hij is verbannen uit zijn geliefd Efeze, waar hij veel werk heeft gedaan. Er is tegenstand en strijd.
In Openbaring klinkt echter troost en verwachting door. De tegenstand en de strijd hebben niet het laatste woord. Christus komt terug. God gaat Zijn werk afmaken. Dat zal een geweldige strijd opleveren, want de duivel buigt niet voor Christus, maar het zal gebeuren: God overwint. Christus overwint.
Openbaring is daarom het boek van de hoop en de verwachting! Het beschrijft de dingen die ‘haast moeten gebeuren’.
Misschien denkt iemand: ik begrijp dat niet. Waarom ‘met haast’? We leven al meer dan 1900 jaar nadat het boek Openbaring geschreven is (ongeveer 90 na Christus). 19 eeuwen zijn we inmiddels verder, dan kun je toch niet meer spreken van haast?
Het kan inderdaad een beetje bijzonder over komen. En toch werkt God aan op Zijn plan. Hij heeft geduld met deze wereld. Nu als 1900 jaar.
2 Petrus 3:8–9 HSV
Maar laat vooral dit u niet ontgaan, geliefden, dat één dag bij de Heere is als duizend jaar en duizend jaar als één dag. De Heere vertraagt de belofte niet (zoals sommigen dat als traagheid beschouwen), maar Hij heeft geduld met ons en wil niet dat enigen verloren gaan, maar dat allen tot bekering komen.
Toch werk God gestaag aan de realisering van Zijn plan. dwars door alles heen. Hij laat zich niet tegenhouden. Hij komt!
Snel - ook plotseling, als velen er niet meer aan denken. Hij komt! Daarom zegt de Heere: waakt!
Zijn komst zal niet onaangekondigd zijn. Er zullen tekenen zijn. De dingen moeten geschieden. Ze zijn een teken dat God komende is!
Wat een schrik zal die dag zijn voor de ongelovigen!, voor hen die spotten met de Heere Jezus en zich niet door Zijn Woord lieten gezeggen.
Open 1:
Openbaring 1:7 HSV
Zie, Hij komt met de wolken, en elk oog zal Hem zien, ook zij die Hem doorstoken hebben. En alle stammen van de aarde zullen rouw over Hem bedrijven. Ja, amen.
Hij komt? Wie? de Heere Jezus.
Wie?
Een groot deel van geeft een visioen van wie de Heere is.
Johannes hoort achter zich een geweldig geluid. Hij krijgt een visioen te zien (een soort droom, maar dan wakend). Hij hoort achter zich het groot geluid als van een bazuin.
En hij ziet een ontzagwekkende verschijning van de Heere Jezus Zelf.
Hij noemt zich de Alfa en de Omega (de eerste en laatste letter van het Griekse alfabet).
Johannes beschrijft hem zo.
'En ik keerde mij om, om de stem te zien die met mij had gesproken. En toen ik mij had omgekeerd, zag ik zeven gouden kandelaren.
En te midden van de zeven kandelaren zag ik Iemand Die op de Zoon des mensen leek,
Er worden negen lichaamsdelen genoemd: zijn lichaamzelf, zijn borst (heup), hoofdhaar, ogen, voeten, stem, rechterhand, mond, gezicht.
1. gekleed in een gewaad tot op de voeten,
2. en op de borst omgord met een gouden gordel;
3. en Zijn hoofd en haar waren wit, als witte wol, als sneeuw,
4. en Zijn ogen waren als een vuurvlam,
5. en Zijn voeten waren als blinkend koper, gloeiend gemaakt in een oven,
6. en Zijn stem klonk als het geluid van vele wateren.
7. En Hij had zeven sterren in Zijn rechterhand
8. en uit Zijn mond kwam een tweesnijdend scherp zwaard;
9. en Zijn gezicht was zoals de zon schijnt in haar kracht.
De verschijning is niet volledig. Het is omschrijvend. Het zag eruit als… Maar ontzagwekkend is de verschijning wel degelijk. Ze vertoont veel gelijkenis met het visioen van en .
Met dien verstand dat het in die gedeelte ging om God (zeg maar God de Vader). Nu gaat het over de Zoon.
Dat is al heel belangrijk.
Met één trek maakt Johannes (maakt eigenlijk de Heere Jezus zelf) duidelijk dat Christus God is.
Als we het over de Heere Jezus hebben, hebben we het niet slechts over een mens, maar over Gods Zoon die mens geworden is.
Vandaag op Pasen beseffen we dat ook. Jezus is de Koning. Zo wordt Hij ons in het paasevangelie beschreven.
Zeker Zijn gestalte is nog niet zo indrukwekkend als hier vermeld wordt, maar groot en machtig is Hij wel.
De verschijning op Patmos is maakt een diepe indruk en roept veel ontzag op.
En toen ik Hem zag, viel ik als dood aan Zijn voeten, en Hij legde Zijn rechterhand op mij en zei tegen mij: Wees niet bevreesd, Ik ben de Eerste en de Laatste, en de Levende, en Ik ben dood geweest en zie, Ik ben levend tot in alle eeuwigheid. Amen. En Ik heb de sleutels van het rijk van de dood en van de dood zelf.' ().
Hier staat de levende.
Die dood was en levend geworden is.
Hij was de lijdende knecht van Goede Vrijdag.
Hij was de koning van Pasen.
De dood ligt achter Hem.
De hel is door Hem overwonnen.
En als koning heeft er nu de sleutels van.
Het zou zinvol en mooi zijn om die woorden nog eens wat nader uit te werken, maar ik keer nu weer terug naar het begin van het hoofdstuk.
Want de verschijning van Christus in het tweede gedeelte van dit hoofdstuk, werpt al zijn schaduw vooruit op het eerdere gedeelte.
Want ook daar worden prachtige dingen van de Heere Jezus, de Koning van Pasen gezegd.
Christus laat zien wie Hij is.
Christus laat zien wie Hij is.
Wat nu Pasen betekent.
Wat nu Goede Vrijdag betekent.
Hij zegt: kijk nou eens omhoog.
Laat je gedachten niet beneveld worden door wat van beneden is. Kijk omhoog. Zie naar de hemel.
Dáár ben ik.
Openbaring is niet: iemand komt, maar Jezus zegt: Ik kom. Christus is Koning.
Maar Hij is tegelijk meer.
Hij is het Lam van God dat de zonden der wereld wegneemt.
Dat staat vanavond centraal.
Het is Gods boodschap aan ons.
Het is Christus’ boodschap aan ons.
Het is Gods boodschap voor ons.
Het komt aan op geloof.
Openbaring 1:3 HSV
Zalig is hij die leest en zijn zij die horen de woorden van de profetie, en die in acht nemen wat daarin geschreven staat, want de tijd is nabij.
Related Media
Related Sermons